Voor artikels over Erpe-Mere en Lede verwijzen we u voortaan graag door naar HLN.be

Simonne (83) verblijft na brand overdag in witloofkotSmetlede - De zware brand die het huis van Simonne Govaert (83) langs de Schildekensstraat in Smetlede eind augustus in de as legde, heeft de vrouw niet klein gekregen. Net als op de dag dat de dampkap in haar keuken - zomaar uit het niets - na een kortsluiting vuur vatte, is de vrouw vier maanden later nog altijd een brok opgewekte vriendelijkheid en vrolijkheid. “Ik ben content, het gaat goed met mij, de herstelwerken gaan goed vooruit en ik krijg hier net als vroeger voortdurend bezoek over de vloer”, vertelt ze vanuit het witloofkot naast haar huis waar ze sinds de brand overdag te vinden is.

Nog geen uur na de zware verwoestende brand die de prefabwoning van Simonne Govaert in de Schildekensstraat in Smetlede aan de binnenzijde volledig in de as legde, stonden buren en vrienden er in de rij om haar op te vangen. Iedereen bood de vrouw – nota bene een week na haar 83ste verjaardag - spontaan onderdak aan. “Ik wist niet waar eerst naar toe”, vertelt ze. “Ik ben hier op deze grond opgegroeid, heb sinds 1988 een nieuw huis en wilde hier boven alles ook gewoon blijven. Dankzij de buren kon ik het voorstel van de jongens van de ziekenwagen om me mee te nemen naar het ziekenhuis makkelijk afslaan.” Ook de volgende dagen en maanden hield iedereen rekening met de wens van Simonne. De vrouw moest geen moment naar een tijdelijk opvangadres of rustoord. “En daar ben ik heel erg dankbaar voor.” Ondanks een zwart geblakerd ouderlijk huis verblijft ze op de koop toe nog steeds op het erf in haar geliefde Smetlede. “Dankzij Kathy Heirman mag ik het leegstaande en gemeubelde huis naast autocarbedrijf Patrick Cars hier iets verderop gebruiken, maar overdag ben ik liefst gewoon thuis”, vertelt ze. Om daarbij te helpen, werden door haar zoon Dirk en een installateur uit de buurt aanpassingswerken gedaan in het oude witloofkot rechts naast de woning tegen de gevel van coiffure Pascale. “Nu is hier licht en water en voor het toilet kan ik de koer oversteken”, vertelt de vrouw opgewekt terwijl ze vanuit haar zetel bij het kolenvuur de werkzaamheden aan haar huis gadeslaat. Een huis vol herinneringen waarvan de brand er heel wat meenam. “Bijna alles wat ik had, is weg. Het gerief en de meubels die ik nog overhield van mijn ouders, een prachtig Angelus-schilderijtje van een boer en een boerin die samen bidden op het veld en zowat alle familiefoto’s. Op een klein beschadigd fotoalbumpje, blijft er niets meer over.” De slaapkamers aan de zijkant van het huis bleven gelukkig wel gespaard. “Daardoor volstond een stevige wasbeurt voor mijn kleren.” Ondanks het verlies, blijft Simonne met haar smakelijke lach en een al even grote opgewektheid een brok positiviteit. Elke dag is ze overdag te vinden in haar tijdelijke ‘witloofkot’-woonst. “Mijn zoon Dirk voert me elke ochtend en avond heen en terug zodat ik echt ‘thuis’ kan blijven.” Dat thuisgevoel wordt zonder meer versterkt door de aanwezigheid van de innemende vrouw, een gezellig 50 jaar oud kolenvuur, een geschonken zetel, enkele stoelen, een tafel, koelkast en twee kookplaten in de kleine ruimte. “Vroeger was ik altijd buiten op de kouter in de weer met het witloof. Ik kan hier dus ook probleemloos mijn plan trekken en mensen die langs komen een stukje taart en een koffie of pintje aanbieden.” Een radio of televisie werden bewust niet angevoerd naar het tijdelijk onderkomen van de vrouw. “Dat heb ik ook helemaal niet nodig. Hier komt voortdurend bezoek. Iedereen wil weten hoe het met me gaat of gewoon een praatje maken. De momenten dat ik hier alleen ben zijn dan ook zeldzaam.” De manier waarop en de veerkracht waarmee Simonne met de toch wel zware tegenslag omgaat, is bewonderenswaardig en indrukwekkend. Ze  beseft dan ook hoeveel geluk ze had. “De dampkap stond niet aan toen ze vuur vatte. Gelukkig was ik net samen met mijn vrienden Rudi Schollaert en Lydie de Wilde prinsessenbonen aan het plukken in de tuin. Samen zijn we nog enkele keren naar binnen gelopen met natte doeken voor ons gezicht om de vlammen op de dampkap en het vuur te doven, maar we moesten stoppen door de verstikkende rook.” In tien minuten stond het hele huis in lichtelaaie. “Indien dit ’s nachts was gebeurd, was ik er wellicht in gebleven.” Misschien net daardoor geniet Simonne - net als voorheen - van elk moment en elk bezoek. “Het is hier nog steeds de zoete inval en toont hoe sterk de mensen hier in Smetlede nog aaneen hangen.” De solidariteit van de buren is na al die maanden overigens nog steeds onverminderd. “Iedereen is hier nog altijd in de weer. Geregeld steekt iemand me soep of eten binnen en ik krijg voortdurend uitnodigingen om te gaan eten.” Dat de buurt er – precies zoals het dorpsleven er 40 jaar geleden aan toeging – zo meeleeft en zich ook na de eerste nood nog dagelijks blijft inspannen, is ronduit hartverwarmend. “Ik ben iedereen enorm dankbaar voor de hulp en de vriendschap. Ik zou me echt geen andere buren en vrienden kunnen wensen en zal die ook gepast bedanken eens alle werken achter de rug zijn”, klinkt het vol overtuiging. Voor de herstelwerken aan het huis in houtskeletbouw werd overigens bewust gekozen voor brandvrij materiaal. “Want dit wil ik niet meer meemaken.” De renovatie vordert overigens goed. “Na de winter zal alles klaar zijn. En achter slecht komt altijd beter”, besluit de kranige vrouw.

;